naam

achtergrond2

Dementie

Dementie is een proces van achteruitgang van hersenfuncties. Hersencellen sterven af en raken onherstelbaar beschadigd. Niet alle soorten dementie verlopen hetzelfde. Wel kenmerkend voor alle soorten dementie is een voortschrijdend verlies van het geheugen en het denk- en oordeelsvermogen.

Geen opname nieuwe informatie
Vaak begint dementie met stoornissen in het opnemen van nieuwe informatie. Mensen slaan hun herinneringen op in beelden. Het geheugen lijkt op een dik fotoboek waar iedere dag nieuwe plaatjes bijkomen, omdat we steeds weer nieuwe dingen meemaken. Bij dementerende mensen worden geen nieuwe plaatjes meer opgenomen in de hersenen. Het fotoboek wordt steeds dunner. We kunnen de omgeving pas begrijpen en er betekenis aan geven, als we het beeld herkennen. Daarom is een archetypische (van alle tijden) omgeving die bekend is, het meest vertrouwd. Een omgeving waar alles nieuw is en onbegrijpelijk, roept onzekerheid en angst op.

Ontstaan van leegtes
De geheugenstoornissen veroorzaken gaten in het geheugen; leegtes die leiden tot lichte onrust, en later mogelijk tot grote angst. Zonder geheugen bestaat het leven uit eenzaamheid en is alles wat er met en om je heen gebeurt los zand. In het begin vullen mensen met dementie de leegtes op met verhalen, om hun geheugenverlies te verbloemen. Later in het proces kunnen ze dat niet meer: ze vergeten dat ze vergeetachtig zijn.

Informatie ‘blijft hangen’

Mensen met dementie kunnen zeer vasthoudend zijn in hun verhaal. Alsof het plaatje in hun hoofd ‘blijft hangen’. Ze zijn er dan door niemand vanaf te brengen en blijven steeds hetzelfde zeggen of vragen. Door mee te gaan in hun verhaal kun je samen ‘het verhaal goed afmaken’. Emotioneel kunnen ze dan het plaatje loslaten. We kunnen ze ook vanuit hun verhaal geleidelijk aan meenemen naar een ander onderwerp, waardoor een ander plaatje ontstaat in hun hoofd.

Reflexmatig gedrag
Daarnaast kalft de zintuiglijke waarneming in de hersenen langzaamaan af en verandert de sensorische informatieverwerking. Het bewust denken (bovenbrein) gaat steeds moeizamer. We zien veel onbewust en onwillekeurig handelen, en spontaan, ongeremd gedrag (onderbrein). Hoe onveiliger ze zich voelen, hoe reflexmatiger ze reageren. Bij geruststellende en comfortabele omstandigheden kunnen ze ‘normaler’ reageren.

Intuïtief niveau
Het begeleiden van mensen met dementie gaat om contact maken en contact houden op intuïtief niveau.Stemgeluid wordt steeds belangrijker. Ze reageren op hoe je iets zegt: op ritme, toon en klank. En op fysieke bewegingen.Als deze prettig, veilig en vertrouwd aanvoelen, zullen mensen met dementie zich positief gedragen. Zodra de verbale en non-verbale communicatie elkaar tegenspreken, raken ze in de war.

Sterk reactief
Gedrag ontstaat als reactie op prikkels. Sommige dementerende mensen willen graag rust en kalmte, anderen voelen zich juist beter wanneer er in de omgeving van alles gebeurt. Ze reageren direct op de omstandigheden. Ook hier geldt weer: in een gunstige omgeving ontstaat positief gedrag, in een ongunstige omgeving probleemgedrag.

Andere waarneming
De sfeer en de inrichting van de ruimte is dus van groot belang. Deze moet vertrouwd zijn; eerder klassiek en huiselijks, dan strak en modern. Daar kunnen bewoners het beste in functioneren. Verder spelen licht en kleur een belangrijke rol. Pastelkleuren, grijs en bruintinten e.d. kunnen niet goed worden waar genomen. Drempels kunnen als zwarte gaten worden gezien en melk in een witte beker is lastig te zien. Goede binnenhuisarchitectuur kan veel probleemgedrag voorkomen.

 
Regie kwijt
Naast het geheugenverlies kunnen demente mensen ook moeilijk overstijgend denken. Het is lastig voor ze om te evalueren wat ze hebben gedaan, of te bedenken wat ze kunnen gaan doen. Laat staan de regie over iets te houden. Een goede dagstructuur voorkomt verveling, met alle probleemgedrag van dien.

Belang van afstemming
Al met al dient de omgeving de juiste prikkels op het juiste moment aan te bieden. Afleidende prikkels moeten vermeden worden. Hoeveel en welke dat zijn verschilt per persoon en situatie. Het vraagt om observatie, invoelingsvermogen en kennis van de hersenkunde. Wilt u hier meer van weten? Mail of bel ons met uw specifieke vragen.

< terug